30 april 2020 | Verbeterinitiatieven | 6 minuten lezen

Sporten op de werkvloer | Het verbeterinitiatief van Carlijn Eigenhuis

Wat als je tijdens je werk veel zit? En je je drukke zorgbaan lastig kunt combineren met sport? Arts-assistent Carlijn Eigenhuis (26) en haar collega’s van een GGZ-instelling bedachten een oplossing. Carlijn geeft les in een sportschool. Die lessen geeft ze sinds een maand ook wekelijks aan haar collega’s. “Meteen na werktijd sporten, werkt verrassend goed.”

Carlijn Eigenhuis (26) ging in februari aan de slag ging als arts-assistent op de polikliniek psychiatrie van een GGZ-instelling. Al snel viel haar op: tijdens dit werk zit je veel. “Toen ik nog in het ziekenhuis werkte kwam ik makkelijk aan de tienduizend stappen per dag”, herinnert ze zich. “Maar in de psychiatrie praat je vooral met patiënten en zit je dus veel. Van zaal naar zaal rennen, is hier niet nodig.”

Sporten na werktijd

Haar directe collega’s ervaren hetzelfde. Het gesprek ging dan ook regelmatig over de vraag hoe de zorgverleners werk en sport goed met elkaar kunnen combineren. Carlijn: “Het leek mij handig als het werken aan onze eigen gezondheid onderdeel zou worden van onze dagelijkse werkroutine. Een van mijn collega’s grapte toen dat ik wel sportlessen kon geven. Dat vond ik een supergoed idee. Ik geef namelijk al zo’n zes jaar lessen bodybalance en bodypump in de sportschool.”

Zo gezegd, zo gedaan. Carlijn: “Ik kon de gymzaal in ons pand op donderdagmiddag een uurtje gebruiken. Zelf nam ik wat matjes en een muziekinstallatie mee. Meer had ik niet nodig, het was allemaal zo geregeld.”

Sinds een maand geeft de arts-assistent elke donderdag sportles aan haar collega’s. De lessen zijn gebaseerd op de fitnesslessen die ze in de sportschool geeft: bodypump, een les die vooral uit krachtoefeningen bestaat, en bodybalance. Dat is een mix van yoga, tai chi en pilates.

“Mijn eerste sportles was veel te moeilijk”

Carlijn heeft de lessen voor haar collega’s wel iets aangepast. “In de sportschool geef ik les volgens een officieel programma, Les Mills. Die lessen en muziek mag je niet zomaar ergens anders gebruiken. Daarom heb ik een eigen lesvariant gemaakt.”

Opbouwende lessen

In de lessen komt bijvoorbeeld yoga voorbij, oefeningen om de buik-, rug- en beenspieren te trainen en rustige ademhalingsoefeningen. “Mijn collega’s vonden de eerste les te moeilijk”, lacht ze. “Dat was meteen een goede leerschool voor mezelf. Ik heb de oefeningen toen nog simpeler gemaakt. Daarna ging het supergoed.”

Volgens Carlijn ligt dat aan de opbouw van haar lessen. “Als je merkt dat je het niveau aankan, geeft dat meer voldoening dan wanneer je net niet meekomt. Dat merkte ik ook aan mijn collega’s. Toen ze bepaalde oefeningen onder de knie hadden, gaven ze aan dat ik de volgende les best wat moeilijker mocht maken.”

Er waren ook collega’s die tot de conclusie kwamen dat het toch niks voor hen was. “Dat is ook goed, het is niet verplicht”, vindt Carlijn. Wel zorgt ze ervoor dat het instapniveau van haar lessen laag blijft. “Zo kan je ook meedoen als je geen echte sporter bent. Verder bouw ik de moeilijkheidsgraad in de loop der weken op. En ik geef altijd opties om een oefening op een makkelijkere manier te doen.”

Haar ervaring met lesgeven deed Carlijn op toen ze nog studeerde. Ze volgde regelmatig een les bodybalance of bodypump in de sportschool. “Tijdens een van de lessen scheurde de lerares uit haar legging”, vertelt ze. “Ze vroeg of iemand de les over kon nemen. Het kriebelde altijd al om zoiets te doen. Dus ik dacht: het is nu of nooit. Ik deed maar wat, maar het gaf me zoveel energie. Na afloop vroeg de lerares of ik een officiële opleiding wilde volgen. Ik heb die kans toen meteen gepakt.”

Hobby met werk combineren

Carlijn beleeft veel plezier aan het lesgeven aan haar collega’s. “Ik zie dat mijn collega’s enthousiast worden van iets wat ik zelf leuk vind om te doen. Dat geeft voldoening. En ik vind het bijzonder dat ik mijn hobby met mijn werk kan combineren. In de zorg maken we allemaal lange dagen. Dan is het lastig jezelf te motiveren ’s avonds nog te sporten. We merken nu dat het verrassend goed werkt om dat meteen na werktijd te doen.”

Samen bewegen blijkt ook nog eens bevorderlijk voor de werksfeer. “Het is net een teambuildingsactiviteit”, lacht Carlijn. “Je bent lekker samen bezig en leert iets nieuws. En soms is het gewoon heel komisch als je met z’n allen in een on-charmante pose staat.”

“Ik hoop dat het over twintig jaar normaal is goed voor jezelf te zorgen”

De groep was net een maand op dreef toen het coronavirus uitbrak. De lessen liggen voorlopig dus stil. “Maar zodra het kan, pak ik ze meteen weer op”, vertelt Carlijn. “Ook wil ik andere zorgverleners van onze locatie uitnodigen, zoals de wijkteams en de crisisdienst. We zijn nu nog met een groepje van vijf. Het zou mooi zijn als we uiteindelijk met een groepje van vijftien collega’s zijn.”

Ook is Carlijn door een collega-arts benaderd om bewegingslessen te geven. “Zij wil binnen haar polikliniek een leefstijlgroep opzetten om patiënten een gezonde leefstijl bij te brengen”, vertelt Carlijn. “Mijn lessen zouden daar onderdeel van kunnen zijn. Door corona ligt dit plan even stil, maar als alles achter de rug is, wil ik graag helpen. En ook de collega’s van TalentCare zou ik best les willen geven.”

Huisarts en sportlerares in één

Welke dromen ze nog meer heeft? “Ik hoop dat als ik 50 ben, het normaal is om als zorgverlener goed voor jezelf te zorgen. Veel jonge artsen werken hard en bewegen schiet er dan snel bij in.” Toch is het volgens Carlijn juist heel belangrijk om toch te sporten. “Je voelt je beter en je slaapt beter. En daardoor kun je je overdag weer beter concentreren.”

Haar patiënten geeft ze nog geen les. Wel probeert ze hen zoveel mogelijk in beweging te krijgen. “Dat helpt ook goed bij psychische klachten”, weet ze. Uiteindelijk wil Carlijn huisarts worden. “Dat wil ik het liefst combineren met het geven van bewegingslessen. Als huisarts zie je veel ouderen en risicogroepen met diabetes en overgewicht. Ik zou graag in een praktijk willen werken met een ruimte waar ik les kan geven. Zo kan ik laten zien dat bewegen niet alleen belangrijk is, maar vooral ook heel leuk.”

Deze pagina delen